Reisverslagen

Cuba staat al heel lang op mijn to do lijstje. Nu alles zo snel lijkt te gaan veranderen heb ik hem boven aan het lijstje gezet. Normaal reis ik alleen, maar aangezien ik nog meer reizen naar Zuid Amerika op mijn lijstje heb staan ga ik eens een groepsreis, in dit geval een singles reis, proberen. Een singles reis is niet alleen voor singles maar voor mensen die alleen reizen. Kan dus best zijn dat er mensen tussen zitten die getrouwd zijn of een relatie hebben, maar er toch voor kiezen om alleen op vakantie te gaan.

Eind november ben ik naar de informatiedag van Sawadee geweest en heb daar een aantal presentaties bijgewoond over de verschillende reizen die ze aanbieden en gelijk een optie genomen op de reis. Ik heb ook bij andere reisorganisaties gekeken, maar die bieden toch net niet wat ik zoek in deze reis. We gaan het hele eiland over en hebben redelijk wat vrije tijd. Niet zo’n volgepropte reis waarbij je als een Japanner bij ieder punt uit een bus wordt gegooid, je een foto maakt en naar het volgende punt gaat.

Het aftellen is begonnen!

’s Middags vliegen vind ik echt veel lekkerder als ’s ochtends. Vanmorgen nog van alles in huis gedaan en de laatste dingen ingepakt. Rond half 11 heb ik de deur achter me dicht getrokken en ben op m’n gemak naar Schiphol gegaan. Onderweg alvast m’n winterjas omgeruild voor m’n zomerjas zodat ik in Havana niet eerst op m’n koffer hoef te wachten om jassen te wisselen. Ik kom de rest van de reis toch niet meer in de buitenlucht dus dat is geen probleem.

Op Schiphol m’n koffer ingecheckt en door de security gegaan. Zo langzaam aan kan je beter alles uit je tas halen en stuk voor stuk in een bak leggen, tas ging bijna leeg door de scanner. De rest van de tijd door gebracht in de KLM lounge onder het genot van een hapje en een drankje. Via facebook nog even wat contact gehad met Linda en Martijn die vandaag naar Florida gaan. Hun vlucht vertrek 5 minuten voor mijn lucht, maar het gat tussen de C en G pier is toch wel wat groot om er een snelle mini meet van te maken. Ondertussen had ik al een bericht ontvangen dat mijn vlucht naar Parijs met 35 minuten was vertraagd, op zich geen probleem in Parijs heb ik meer als genoeg tijd om over te stappen.

Als we eindelijk gaan boarden zit er weer eens iemand op mijn plaats. Het lijkt wel of daar een vloek op zit de laatste. Ga maar gewoon zitten waar je wilt, plaats genoeg. Gelukkig stond de man snel op en ging op zijn eigen plaats zitten, een rij voor me. Een vergissing is natuurlijk menselijk. De vlucht verliep vlot en uiteindelijk landen we met 10 minuten vertraging. Of we hadden mazzel bij het opstijgen op Schiphol, we konden eigenlijk helemaal door rijden en gelijk de startbaan op, of we hadden windkracht 9 mee.

In Parijs moest ik naar een andere terminal, van 2F naar 2E. Je zou zeggen kort stukje, maar dat viel nog vies tegen. Ik ben zeker 15 minuten onderweg geweest om van de ene naar de andere terminal te lopen. Onderweg kwam ik hier de Air France lounge tegen dus ook hier weer een drankje en even snel op internet rond speuren.

De vlucht naar Havana zou 10 minuten vertraging hebben, maar het boarden werd maar uitgesteld. Normaal beginnen ze met de grotere toestellen al een uur voor vertrek met boarden, maar vandaag werd het een half uur. Ik heb eigenlijk niet meer gekeken hoe laat we uiteindelijk zijn vertrokken, maar veel later als de oorspronkelijke tijd zal het niet zijn geweest.

Onderweg uiteraard weer volgepropt met eten en drinken, ik heb niet eens overal een foto van genomen, en lekker languit wat films en series gekeken. Die 10,5 uur is gewoon een vreselijk lange zit en op een gegeven moment ga je je echt vervelen. Spelletjes boeien niet meer, staren naar een scherm voor films of series word je zat en bij een boek val je in slaap. Dan maar een dutje doen, het zal niet voor 5 uur morgenochtend zijn dat ik in m’n bed lig.

Een half uur voor de geplande tijd landen we op Havana. Onderweg nog een heel mooi uitzicht over Florida, we zijn er net boven Miami overheen gevlogen en je kan bijna de hele Golf van Mexico zien. Nu was het al donker dus overal lichtjes, ben benieuwd hoe het er uit ziet als het licht is.

De crew had ons al gewaarschuwd dat de beveiligingsmaatregelen op het vliegveld waren aangescherpt en dat het soms lang kan duren voordat je door de douane en beveiliging heen bent. Ach ik ben op vakantie, ik zie het wel. Eerst weer door de standaard security check, dus tas en zelf door de scanner. Hier hoeft echt niets uit je tas, alleen jas en tas op de band en doorlopen maar. Daarna wachten op de bagage welke schijnbaar ook weer door allerlei scans is geweest. Uiteindelijk viel dat allemaal best wel mee, zeker als je de wachttijden van Schiphol bent gewend. Langs de douane door naar de aankomsthal. Wat een gekkenhuis!! Overal mensen met briefjes met namen en taxi chauffeurs die je te pas en te onpas aanspreken of je een taxi nodig heb. Ik ben denk ik in een seconde of 30 door 4 verschillende chauffeurs aangesproken of ik een taxi nodig had. Mijn transfer was er kennelijk nog niet, tenminste geen briefje met mijn naam erop, dus ik ben eerst geld gaan wisselen. Zelfs als je daar in de rij staat word je door taxi chauffeurs aangesproken. Wisselen ging heel snel en gemakkelijk dus ik heb de komende 3 weken (hopelijk) geen credit card nodig. Maar weer op zoek naar m’n transfer. Terug de aankomsthal in, je raadt het al, weer chauffeurs met de vraag of je een taxi nodig hebt. Ik heb, na eerst nog een keer zo’n 50 briefjes te hebben bekeken, een plekje gezocht vlakbij de deur waar je als passagier uitkomt na de bagagebanden en daar was het gelukkig rustig. Na zo’n 10 minuten zie ik een bordje omhoog gaan met mijn naam erop en loop die kant op. Dan denk je dat je er bent, nou vergeet het maar.

Hij ging eerst nog wat andere dingen regelen, dus ik moest even blijven wachten. En daar waren ze weer, die chauffeurs. Als ik hem terug zie komen loopt hij naar buiten, maar na zo’n 5 minuten roept hij mij en word ik overgedragen aan een dame, toevallig samen met iemand die ook op mijn vlucht zat. We dachten dat we samen werden weg gebracht, maar nee … Zij ging naar Varadero (het strand paradijs van Cuba) en ik moest naar een hotel in Havana. Zij blijkt dus ook weer een tussenpersoon te zijn. Eerst de andere dame van mijn vlucht in een taxi en daarna ging ze op zoek naar een taxi voor mij. Taxi gevonden, koffer ingeladen, oeps verkeerde taxi. Koffer weer uitgeladen en wachten op de volgende. Bleek dus dat de dame mij verwarde met een aantal andere reizigers. Ze snapte al niet dat ik alleen was terwijl zij in haar papieren heb staan dat ik met z’n 2-en zou zijn. Nou ik zou niet weten wie er met mij mee is gereisd. Juiste papieren gevonden en 5 minuten later de juiste taxi en eindelijk op weg naar het hotel.

We hebben wel eens wat te klagen over de nederlandse chauffeurs, nou hier is het nog veel erger.

  • Ze rijden allemaal met groot licht aan, want er is geen straatverlichting
  • 3-baans weg, dan pakken we de middelste baan, de rest doet er niet.
  • 2-baans weg, dan rijden we precies in het midden, andere weg gebruikers doen er niet toe
  • Gaatje in de weg, daar rijden we gewoon omheen zonder in onze spiegels te kijken
  • Strook kapot wegdek, daar remmen we voor en rijden we zijdelings overheen zoals verlaagde auto’s in nederland dat met een drempel doen.

Klein half uurtje later was ik dan eindelijk bij m’n hotel, snel ingecheckt maar hoe kom je dan weer bij je kamer. Ja, u moet naar buiten naar de bungalows. Oke, en waar zijn die dan? Ja, daar aan de linkerkant. Naar buiten en een beetje links aangehouden en dan kom je inderdaad bij bungalows uit. Ik heb nummer 637, waar is die dan? Kom een bord tegen met allemaal blokken erop dus ik ga er vanuit dat ik in blok 6 moet zijn. Hoe kom ik daar nou weer? Wegbewijzering is hier niet een van de sterkste punten. Gelukkig zijn er 2 vriendelijke cubanen die me wijzen waar de ingang is en daar word ik opgevangen door een medewerker die me naar m’n bungalow brengt. Ben benieuwd of ik straks de weg nog ga vinden, ben geloof ik het hele park over geweest.

De bungalow is schoon en netjes, totaal niet gedateerd. Badkamer, aparte slaapkamer en een keukentje. Leuk kan ik morgenochtend lekker een bakkie thee zetten want ik zal toch wel vroeg wakker zijn. Het enige dat er in de keuken staat zijn 2 glazen, geen potten, geen pannen, geen bestek, helemaal niets. Zo kan ik een keuken ook schoon houden. Uiteindelijk ga ik rond 12 uur lokale tijd (6 uur in nederland) naar bed. Normaal gaat over een half uur m’n wekker dus ben bang dat er van slapen niet veel zal komen. Nou ik had gelijk. Wat een butnacht. Er zijn hier 2 airco’s, een in de woonkamer en 1 in de slaapkamer. Beide aangezet en het begon lekker af te koelen, totdat de airco in de slaapkamer kuren kreeg. Dat kreng ging iedere 10 minuten lopen piepen, maakte niet uit of hij aan of uit stond, iedere 10 minuten. Dan slaap je natuurlijk niet. Van alles geprobeerd maar vergeet het maar. Lakens en kussen gepakt, slaapkamerdeur dicht en op de bank gaan liggen. Het gepiep was minder goed te horen, maar toch slaap je niet. Uiteindelijk kwamen er steeds grotere tussenposes in het piepen en rond half 3 uur durfde ik het wel weer aan om op bed te gaan liggen. Die bank is ook niet alles als je niet languit kan liggen. Toch nog een paar uurtjes kunnen slapen, tenminste heel licht, met af een toe een hoop gepiep maar om half 6 was het toch echt over en uit. Laptop gepakt en dit verslag geschreven. Nu alleen nog even wachten tot ik een internet verbinding heb om het te uploaden.

Om 9 uur vertrekken we richting Santa Clara. Zo eest even douchen en rustig m’n spullen in- en ompakken en dan ontbijten. Ik denk dat ik m’n koffer maar gelijk meeneem, hoef ik ook niet bang te zijn dat ik m’n bungalow (het is eigenlijk een appartement) niet meer terug kan vinden. Dat gaat nog wat worden aan het einde van de vakantie als we hier een paar dagen zitten.

De rotte nacht is me gelukkig niet opgebroken vandaag. Om 8 uur ben ik gaan ontbijten en heb ik m’n reisgenoten en reisleider leren kennen. Leuke groep mensen, dat komt wel goed de komende tijd. Om 9 uur zijn we vertrokken richting Santa Clara, de stad van Che Guevara. Het is zo’n 3,5 uur rijden en ik kom al snel tot de conclusie dat niet alleen de taxichauffeur van gisteren maar al het verkeer rijdt zoals hierboven beschreven. Sterker nog de meest rechter baan op een 3-baansweg wordt door langzaam verkeer gebruikt. Dat zijn geen vrachtwagens, maar paard en wagen, fietsers, wandelaars en lifters.

Eenmaal aangekomen in Santa Clara bezoeken we eerst het centrale plein. We krijgen van Dayana (de reisleidster) uitleg over wat er zich hier heeft afgespeeld, gaan lunchen en krijgen ruim de tijd om lekker door de stad te lopen.  Als eerste regelen we een internetkaart. Hier heeft niemand een huisaansluiting met supersnel internet zoals we thuis gewend zijn. Je koopt hier gebruikerstijd. Er zijn kaarten voor 1, 2 en 5 uur en deze kosten 1, 2 of 5 CUC (1 CUC = ongeveer 1 euro). In het hele land is er op centrale plekken, zoals pleinen en parken, wifi beschikbaar. Daar kan je met deze kaart, waar een gebruikersnaam en wachtwoord op staat , inloggen. Ook in de hotels is er een hotspot beschikbaar, dus ik ga vanavond maar eens kijken of het uploaden van deze verslagen wil lukken. Voorlopig schrijf ik alles in word en zoek de foto’s alvast uit zodat alles straks in 1x kan worden geüpload.

Terug naar Santa Clara. We beperken ons tot het centrale plein en enkele zijstraten waaronder andere een marktje staat. Aan dit plein staat ook Santa Clara hotel dat tijdens de gevechten voor de revolutie in 1959 flink is beschoten. De kogelgaten zitten nog in de muren, hier verven ze gewoon overheen en maken ze niet dicht. Om 4 uur verzamelen we weer en gaan we naar het trein museum. Che kreeg in 1959 de opdracht er voor te zorgen dat de troepen van President Batista het oosten van het land niet konden bereiken. Alles werd per trein vervoerd dus Che sloopte met een Caterpillar bulldozer het spoor. De trein met 22 wagons en een kleine 400 soldaten ontspoorde. Na 24 uur was Che er in geslaagd om met 18 strijders alle 400 soldaten om te brengen met behulp van onder andere molotov cocktails. Je kan de wagons in, maar ik beperk me tot de buitenkant en ga het terrein verder niet op.

Na dit museum (eigenlijk is het gewoon een veld langs het spoor waar ze de wagons en bulldozer hebben opgesteld) rijden we verder naar het Che memorial en museum. Het museum is in 1988 gebouwd en bovenop staat een groot standbeeld van Che. Binnen kan je zijn hele levensloop bekijken aan de hand van foto’s, brieven en andere voorwerpen die hij is zijn strijden heeft gebruikt. In 1967 is Che gesneuveld in Columbia en hebben ze hem begraven in een onbekend graf. Het heeft tot 1997 geduurd voordat ze hem hebben gevonden en aan de hand van DNA is vast gesteld dat het inderdaad om zijn overblijfselen gaat. Ze hebben het museum uitgebreid en een mausoleum toegevoegd waar Che en 37 van zijn strijders liggen. In het museum en memorial mag je geen foto’s maken, maar buiten natuurlijk wel.

Na dit alles was het tijd om door te rijden naar het hotel, alweer resort achtig met bungalows. Ik heb weer een mooie kamer met deze keer 3 bedden (het worden er steeds meer) en een werkende airco zonder piepjes. Hopelijk slaap ik vannacht zonder problemen en ik denk niet dat het een probleem zal worden. We gaan zo met de groep eten, vanavond zit inbegrepen, en er schijnt een modeshow te bij het zwembad te zijn en waarschijnlijk komt er een band spelen. Ik zie wel of ik het volhoud.

Foto’s moeten helaas even wachten. Het is behoorlijk hectisch en ik sta nu in de lobby van het hotel met m’n laptop op een bloempot. Niet erg handig allemaal dus. Zodra de foto’s zijn toegevoegd laat ik dit weten, maar hou er rekening mee dat misschien pas is als ik thuis ben.

We zijn vandaag van Santa Clara naar Holguín gereden wat ongeveer 560 km is. Een lange dag in de bus met een paar plaspauzes. We zijn om 8 uur vertrokken en kwamen rond half 5 aan in Holguín. Daar zijn we eerst naar La Lome de la Cruz gereden, een trap van 460 treden waarmee je naar ongeveer 275m klimt. Iedere 3 mei klimt een grote groep pelgrims naar boven in de hoop de droogte op te heffen. Boven heb je een prachtig uitzicht over de stad Holguín.

Daarna zijn we naar ons hotel gereden waar we rond 5:45 aankomen. Helaas wordt het hotel waar Sawadee normaal verblijft helemaal gerenoveerd en moeten we uitwijken naar een ander hotel. Het lijkt wel of we in het Oostblok terecht zijn gekomen. Een echte blokkendoos zoals ik die ook in Helsinki heb gezien. De Russische invloeden zijn hier duidelijk aanwezig. Het is ook vreselijk gehorig, in de badkamer zit geen raam maar een rooster dat uitkomt op de gang. Je hoort dan ook alle gesprekken, of de badkamerdeur open of dicht is maakt niets uit. Daarnaast zijn de muurtjes ook heel dun. M’n buurman zit op dit moment de Play offs van de Cubaanse baseball competitie te kijken, het lijkt wel of het hier in mijn kamer op staat. Dat zou vannacht wel eens een kort nachtje kunnen worden.

Om 7:15 gaan we met bijna de hele groep eten bij een restaurant waar Dayana alleen maar vol lof over kan spreken. Het is een typisch Cubaans restaurant boven een paar woningen (parador). We kunnen met z’n allen op het balkon zitten en ze hebben voor ons (eigenlijk voor alle grote groepen) een vast staand menu waarbij je kunt kiezen tussen 4 hoofdgerechten. Vanavond kan je kiezen tussen kip, varken, zwaardvis of garnalen. Tot nu toe heb ik de kip aardig weten te ontlopen en ook vanavond wordt het geen kip. Ik kies voor de garnalen. Het eten is zeker niet slecht maar gegrilde garnalen horen bij mij niet vet te zijn en dat waren deze overduidelijk wel. Verder zit er rijst en gefrituurde banaan bij. Ik denk dat ik in Nederland de toko met gebakken banaan maar even links laat liggen. De smaak was goed, maar ik heb niet alles opgegeten. Uiteindelijk waren we om 11 uur weer terug in het hotel en wilden we allemaal naar bed. Die jetlag is duidelijk nog niet voorbij.

Morgenochtend hebben we eerst een stadstour in Holguín en daarna rijden we door naar Baracoa. Het is even afwachten waar we precies zitten. Door een orkaan is de grote toegangsweg eind vorig jaar weggespoeld en ook de alternatieve weg is niet veilig. Als het gaat regenen wordt deze afgesloten en dan kan het zijn dat we opgesloten zitten totdat hij weer wordt vrijgegeven. Ook is er in de nacht van dinsdag op woensdag een aardbeving van 5.8 op de schaal van Richter geweest en zijn er een aantal naschokken van minimaal 4 geweest. Kan ik dat ook weer op m’n lijstje van natuurgeweld zetten.

Vanmorgen zijn we om half 9 vertrokken. Eerst een stadstour door Holguín waarbij we de 3 grote parken (pleinen) hebben bezocht. Holguín staat bekend als de stad met de meeste parken. Helaas worden er steeds meer afgebroken, maar er komt ook niet echt iets voor terug. Het eerste plein, Parque Peralta, is vernoemd naar Generaal Julio Grave de Peralta (1834 – 1872). Op dit plein vind je een standbeeld van de generaal een klein gebouwtje waar ze regelmatig grote boxen opzetten en waar dan de salsa gedanst kan worden. Vanmorgen hadden we geluk. Er was een groep kinderen die op het plein op zou treden en ze liepen her en der verspreid. Haal je camera tevoorschijn en vraag of ze willen poseren, binnen de kortste keren ga je van 5 naar 10 kinderen. Ze komen hard aan gerend en willen maar wat graag poseren.

Daarna door naar het 3e plein, Parque Cespedes. Op dit plein vind je de Iglesia de San Jose kerk, een kleine katholieke kerk. Rondom dit plein is heel veel activiteit te vinden van motoren en fietsen, beide met zijspan.

Omdat we bij het 2e plein opgehaald zouden worden hebben we deze even over geslagen, maar lopen na het 3e plein naar dit plein terug. Helaas wordt dit plein, Parque Calixto Garcia, helemaal gerenoveerd en is het niet toegankelijk. We vinden een trap naar een dak waarvandaan we wel het hele plein over kunnen kijken, maar daar houdt het ook een beetje op. We wachten met de hele groep in een klein koffiebarretje totdat de bus vertrekt naar Baracoa.

Om 10 uur verzamelen we bij de bus en horen we van de reisleider dat we toch nog even geduld moeten hebben. Een van m’n reisgenoten is zijn koffer kwijt. Deze blijkt bij hun aankomst in Havana nooit uit het vliegtuig te zijn gehaald en is terug gevlogen naar Amsterdam. Daar hebben ze hem weer op de volgende vlucht terug gezet naar Havana. Aangekomen in Havana zou hij eerst met de avondvlucht van gisteren naar Holguín worden gevlogen, maar de binnenlandse vluchten hier zijn heel onbetrouwbaar en uiteraard ging deze vlucht niet. Hij is uiteindelijk vanmorgen naar Holguín gevlogen en de reisleider en reisgenoot waren al vroeg op het vliegveld om hem op te halen. Dat verliep natuurlijk op zijn Cubaans. De bus en chauffeur zijn bij ons gebleven in de stad terwijl de reisleider en reisgenoot een taxi naar het vliegveld hebben genomen. Om half 11 zijn we de stad uit gereden en bij een monument voor Che Guevara hebben we op ze gewacht. In plaats van 10 uur de stad uitrijden werd het half 12.

De provincie Baracoa is eind vorig jaar getroffen door een F4 orkaan waarbij een groot gedeelte van de provincie helemaal is plat gelegd. Ook vandaag was het de vraag of we de stad Baracoa via de korte route of via de lange route konden bereiken. De belangrijkste brug is door de orkaan namelijk weg gevraagd. Ze hebben nu een nood brug neer gelegd, maar deze ligt in de rivier en bij hoog water kan je deze dus niet over. Dit wist ik al toen ik ging boeken, toen was het zelfs nog de vraag of Baracoa nog in het programma zou blijven. Gelukkig zijn de weergoden ons goed gezind en konden we via de korte route en dus via de noodbrug de stad bereiken. Wat ze er alleen niet hadden bij verteld is dat je vanaf Moa over een zeer slecht wegdek nog zo’n 75 km naar Baracoa moet rijden. En met slecht wegdek bedoel ik ook echt slecht wegdek. Overal gaten en scheuren, hele stukken wegdek weg geslagen, gaten tussen bruggen en wegdek en uiteindelijk helemaal geen wegdek meer maar alleen nog een zand/steenweg. Het stuk over het asfalt was echt dramatisch slecht, overal gaten waar de bus chauffeur zeer behendig tussen door reed. Het stuk over de zand/steenweg was beter, hier ook wel gaten en kuilen, maar veel beter begaanbaar. Onderweg ook heel veel schade gezien van de orkaan. Overal lagen nog omgewaaide bomen en daken die nog niet zijn gerepareerd.

De reisleider vertelde dat iedereen uit de provincie is geëvacueerd naar veilige gebouwen in de omgeving zoals scholen, ziekenhuizen en gebouwen van de overheid. Er zijn geen doden gevallen, maar de schade was enorm. De overheid heeft geld beschikbaar gesteld zodat mensen hun daken weer konden repareren en heeft wegen vrij gemaakt. De rest is voor de bevolking om op te lossen. De meeste huizen zijn dan ook al weer gerepareerd, alleen een enkeling vertoont nog wat problemen.

Rond 6 uur kwamen we aan bij het hotel en hebben we eerst een kort rondje door de stad gereden zodat we ook hier de schade konden zien. Volgens oog getuigen zouden de huizen aan zee tot zeker de 3e verdieping in de golven hebben gestaan, balkons zijn compleet weggevaagd. Ook zijn complete gebouwen niet meer bewoonbaar. De regering is bezig om voor de mensen waarvan hun huis onbewoonbaar is geworden nieuwe huizen neer te zetten. Hoewel dit snel lijkt te gaan is er toch nog altijd een geld probleem. Cuba is arm en het is een eiland, waardoor het aanschaffen van goederen lastig is, maar de regering doet er alles aan om de huizen zo snel mogelijk klaar te hebben.

Vandaag zit ons hotel in een oud fort dat uit kijkt over de baai en bergen rondom Baracoa. Ik heb zelf een kamer met zeezicht (mij hoor je niet klagen) en anderen hebben uitzicht op El Yunque, de tafelberg. Vanavond met bijna de hele groep gegeten in de stad en daarna lekker terug naar onze kamers. Die lange dagen in de bus zijn al niet leuk, maar ze breken je ook nog eens op. Morgen hebben we een volle dag in Baracoa (de langste rijdagen hebben we gehad) en kunnen we kiezen uit een aantal excursies. Deze volgen na de stadswandeling.

Vanmorgen zijn we om 9 uur begonnen met de stadswandeling. Na een uurtje geschiedenis zijn we door onze gidsen opgehaald. Een gedeelte van de groep ging de El Yungue beklimmen en een ander deel ging naar een cacao plantage, wat strandjes en een boottochtje over de Rio Yumuri. Ik zat bij de 2e groep. De hielspoor speelt weer op en het is een pittige klim, daarnaast heb ik geen wandelschoenen bij me en op m’n Nike’s durfde ik het niet aan. Om 10 uur vertrokken we bij een ander hotel in een oude Ford uit 1946, hebben we dat alvast gedaan 😉 Met z’n achten achterin, een gids en de chauffeur. De gids heeft een Franse achtergrond (zijn opa is naar Cuba geëmigreerd in de jaren 20), heeft Engels gestudeerd en is eigenlijk leraar Engels. Daar verdiende hij niet veel mee (10 CUC per maand) en is zodra hij de kans kreeg over gestapt naar het toerisme, daar is veel meer in te verdienen.

Na een ritje van ongeveer 20 minuten komen we aan bij de cacao plantage. We worden welkom geheten door een lieve oude dame en haar man. De gids legt het een en ander uit over een vrucht die daar veel voorkomt en die veel gebruikt wordt om te verven, maar ook om in eten te verwerken. De pitten van de vrucht hebben een extreem rode kleur en daar deze te mengen met water wordt het roze, wordt het met olie gemengd wordt het oranje. Hoe meer er gebruikt wordt hoe feller de kleur. Na deze uitleg worden we naar de achterkant van het huisje geleid waar we de dochter, Liesbeth,  van de familie leren kennen. Zij heeft nu de leiding en woont samen met haar ouders en kindje (geen flauw idee of het een jongen of meisje is) in het kleine huisje. Op een ander stuk van het land wonen haar oom en tante, oma en een neefje en nichtje. Het is een echt familie bedrijf. De gids legt het hele proces uit van boon tot chocola (gelukkig een stuk sneller als op Hawaii) en ondertussen maakt Liesbeth warme chocolade drank klaar. De 100% pure chocola wordt geraspt en vervolgens met water of melk gemengd waarna de drank ontstaat. We krijgen allemaal een klein bamboe bekertje met een beetje drank en kunnen dat eventueel mengen met koffie. De drank heeft een sterke cacao smaak en is een beetje bitter, maar ja wat wil je met 100% pure chocola. Er is ook uitgelegd hoe cacaoboter, cacao olie, cacao likeur en witte chocola ontstaat en hoe ze dit allemaal ambachtelijk (want zo kan je het wel noemen) gemaakt wordt. Na een klein uurtje weten we allemaal nog meer over chocola en kunnen we wat in het “winkeltje” kopen. Iedereen neemt wel iets mee en omdat we nog een hele dag te gaan hebben laten we onze aankopen bij de familie achter en halen we deze aan het einde van de middag op.

Terug bij de auto krijgen we de keuze om of naar het strand te gaan, daar te lunchen en zwemmen en dan door te gaan naar de rivier of we pikken onze lunch op en gaan gelijk naar de rivier. We waren er al vrij snel uit dat het optie 1 moest worden en daar hebben we geen spijt van gehad. We hebben een kleine 2 uur aan het strand door gebracht en hebben heerlijk gegeten en gezwommen. Op naar de rivier.

We rijden met de auto verder tot de monding van de rivier. Hier wonen mensen in hele kleine huisjes die heel zwaar zijn getroffen door de orkaan van afgelopen oktober. De meeste huizen zijn provisorisch hersteld met hulp van de regering. Ze hebben golfplaten beschikbaar gesteld zodat de mensen de daken weer konden repareren. Hier worden dezelfde golfplaten voor gebruikt die in Nederland zijn verboden omdat ze vol zitten met asbest. Tijdens onze reis, hoe kort die ook nog maar duurt, hebben we in alle hotels de zeepjes, flesjes shampoo, enz. meegenomen. Deze hebben we aan Oscar (de gids) gegeven met de vraag of hij er voor wilde zorgen dat het bij de juiste mensen terecht komt. Overal kom je hier mensen tegen die bedelen voor dit soort dingen maar vragen of t-shirts en schoenen. Je moet nee verkopen, maar als je ziet hoe groot de armoede hier is is het vaak moeilijk om heel hard nee te verkopen. Op deze manier hebben we toch nog wat mensen blij kunnen maken en komt het terecht bij mensen waar de lokale bevolking van weet dat ze het hard nodig hebben. De glimlach van de mensen zei meer als genoeg.

Na de korte wandeltocht komen we aan bij de roeibootjes en worden we in een kleine 10 minuten stroomopwaarts gebracht. De rivier staat momenteel erg laag en ligt in een national reserve. Het is dus beschermd land en de locals behandelen het ook zo. De rivier is ook de afscheiding tussen 2 provincies en dit wordt strikt in de gaten gehouden. Op het eiland staan 2 dames wat spullen te verkopen, Oscar noemt het kunst, zoals kettingen, armbandjes en mysterie boxen. Not my kind of stuff dus ik laat het lekker voor wat het is. We nemen nog een duik in de rivier en even later komt er iemand langs die speciaal voor ons een boom in is geklommen om kokosnoten te plukken. Hij hakt de noten open en we krijgen allemaal een kokosnoot met rietje om op te drinken. De noten zijn nog niet helemaal rijp dus het is allemaal een beetje zurig, wel lekker, maar niet de smaak die je zou verwachten.

We worden met de bootjes terug gebracht, stappen weer in de auto en halen bij Liesbeth onze aankopen op. Deze lagen en nog keurig op ons te wachten en papa en mama maken er een klein feestje van. Het enige dat we nog wilden doen is een groepsfoto met de oude Ford en die hebben we daar gelijk gemaakt. Mooie omgeving om die foto te maken. Tuurlijk geen foto zonder Oscar erbij 😉

Op de terugweg naar het hotel hebben we (te) veel lol zitten trappen en werden alle mannen die we tegen kwamen aangemoedigd of na gefloten, we leken we een stel bouwvakkers. Het werd allemaal met een grote lach ontvangen en de chauffeur en gids lagen in een deuk.

Eenmaal terug bij het hotel zijn we snel met een kleiner groepje naar de boulevard gelopen. Het begon al donker te worden en wij wilden graag nog de verwoesting van de orkaan vastleggen. Bij het gebouw zaten een paar ongure personen die begonnen te zeuren dat wij als Nederlanders wel eens wat geld mogen steken in de wederopbouw van hun stad. We hebben ze genegeerd, maar zijn wel door gelopen terug naar het centrum van de stad. Het hele stuk in die buurt is kapot en bijna onherstelbaar. Er wordt wel weer nieuw gebouwd, maar dat gaat op zijn Cubaans, manjana, manjana, manjana.

Net als gisteravond weer gegeten in een parador en toen op naar de salsaclubs. Ik hou helemaal niet van dansen en ben dan ook na een kwartiertje terug gegaan naar het hotel. Al met al een supergezellige dag met heel veel lol. Daar gaan er de komen 2,5 week zeker nog veel van volgen.

Vanmorgen moesten we zorgen dat onze bagage om half 9 voor de deur van onze kamer stond zodat de bell boys alles naar beneden konden brengen. Er zijn hier alleen maar trappen en het is een behoorlijk eind slepen vanaf de kamer naar de lobby. Om 8:45 verzamelen we in de lobby, wordt onze bagage in een vrachtwagen geladen (onze bus kan de hol naar het hotel niet op omdat deze te stijl is) en lopen we op ons gemak naar de bus. Voor onze bus staat nog een bus van transtur geparkeerd en precies tussen de 2 bussen in een fietstaxi. Hij past er ook echt maar net tussen.

We stappen allemaal in en een politieagent is zo aardig om het verkeer even stil te zetten zodat wij kunnen keren. Het zijn hier allemaal smalle straatjes en veel is ook nog een open gebroken. We rijden langs zee naar een plek waar het vrachtwagentje van het hotel ons op staat te wachten om de bagage over te laden. Jorge (onze chauffeur) weet ondertussen precies welke tassen er zijn en als er dan eentje mist die hij net nog heeft zien staan raakt hij een klein beetje in paniek. Gelukkig was het een handbagage koffertje dat altijd in de bus is, dus dat konden we snel oplossen.

Rond 9:15 rijden we Baracoa uit richting Guantánamo Bay. Eerst door de bergen over een lekker slinger weggetje en daarna grotendeels over de snelweg. We rijden langs de kust met aan de ene kant een schitterend uitzicht over zee en aan de andere kant zien we nog steeds de verwoesting van de orkaan van afgelopen oktober. Her en der zien we punten waar door de regering nieuwe dakpanelen worden uitgedeeld en zelfs tenten van WEP waar eten en drinken is uitgedeeld nadat de orkaan net was vertrokken. De verwachting is dat deze tenten binnenkort ook weer zullen verdwijnen. De dakpanelen zijn voor de meeste mensen gratis, maar het ligt aan de financiële situatie en samenstelling van de familie. Sommige mensen zullen dus een bijdrage moeten betalen.

In de bergen stoppen we nog bij een uitzicht punt waar veel Cubanen hun spullen proberen te verkopen en dat doen ze heel opdringerig. Hier verkopen en ze chocola, cacao boter en geraspte kokos. Je moet echt meerdere malen nee verkopen en ze blijven doorgaan totdat de deuren van de bus dicht gaan en we weg rijden. Ze zijn hier ook heel blij met lege waterflessen dus deze hebben we hier achter gelaten. Als we de bergen uit zijn rijden we de snelweg op. Een redelijk goede weg met 6 rijbanen. Totdat onze weghelft ineens stopt en we naar de andere kant over 2 banen verder moeten.

25 km voor Guantánamo stoppen we bij een uitzicht punt over de baai en krijgen we van een lokale man uitleg over de baai, waar de gevangenis zit en hoe dit invloed heeft op de Cubanen. De gevangenis kunnen we niet zien, deze zit achter een berg en deze kan je nu ook niet meer zien. Voorheen was er een ander punt waar je deze nog wel kon zien, maar dat is door de Amerikanen gesloten.  In de baai kan je wel het vliegveld, de brug en de ferry tussen het vliegveld en de gevangenis zien. De Cubanen hebben op zich weinig last van de Amerikanen. Ze leven op de basis, komen Cuba niet in, en hebben hun eigen infrastructuur. Ze komen met vliegtuigen naar Cuba welke het Cubaanse luchtruim niet in mogen. Ze vliegen dus om Cuba heen. Ze hebben een eigen waterzuivering en elektriciteitscentrale en leven volledig volgens de Amerikaanse maatstaven. Zelfs de woningen van de militairen en hun gezinnen zijn Amerikaans. Op de foto’s zie je echt een typische Amerikaanse woonwijk en natuurlijk is er een McDonald’s op het terrein. Sinds 4 jaar werken er geen Cubanen meer in de gevangenis en de Amerikanen hebben ook niet de intentie om dit ooit weer te laten gebeuren. Fidel wilde de Amerikanen weg hebben en het verdrag dat ooit voor 100 jaar was afgesloten moest worden beëindigd. De Amerikanen dachten daar heel anders over en zijn voorlopig niet van plan om weg te gaan. Fidel dacht de Amerikanen te kunnen dwingen door de elektriciteit en watertoevoer te beëindigen, maar de Amerikanen hebben in een heel rap tempo de waterzuivering en elektriciteitscentrale gebouwd. Het is dus afwachten wat er met Guantánamo gaat gebeuren. Obama heeft gezegd dat hij het gaat sluiten, wat er nu onder Trump gaat gebeuren is de grote vraag.

We rijden verder richting Santiago de Cuba waar we rond een uur of 2 aankomen. We worden midden in de stad afgezet en doen de stadstour. Santiago is een van de meer criminele steden dus we werden gewaarschuwd om goed op onze spullen te letten. We beginnen bij het centrale plein en lopen door de stad heen. Iedere stad heeft zijn boulevard waar alle grote winkels, restaurants en bars aanzitten en ook hier is dat niet anders. We zien een uitgifte punt waar de Cubanen hun voedselbonnen in kunnen leveren, maar ook hier wordt de voorraad schaarser. Het is maar net wat de regering aan eten vrij geeft. We komen op een markt terecht waar men voedsel zoals fruit, groente, vlees en vis kan kopen. Het is gewoon bizar hoe slecht het hier met de hygiëne is gesteld en dat mensen niet ziek worden. Vis en vlees liggen rustig de hele dag, op een tafel. Niet gekoeld, maar wel super vers. Het is de vangst van die ochtend en de koeien en varkens zijn diezelfde ochtend geslacht.

Na de stadstour gaan we naar het dakterras van een groot hotel voor happy hour. Ze hebben hier wel een speciaal happy hour, het is alleen voor cocktails. Alle andere drankjes zijn normale prijs. In vergelijking met Nederland is het nog steeds goedkoop. Een cola in een bar of restaurant is gemiddeld 1 CUC (import 1,25 CUC) en cocktails variëren van 3 tot 5 CUC. Dayana belt Jorge dat we klaar zijn en we vertrekken richting hotel. We zitten buiten de stad en met de aardbevingen die hier de afgelopen periode zijn geweest is dat maar beter.

In de bus bespreken we onze opties. Vanavond gaan we met het grootste gedeelte van de groep weer eten bij een parador. Deze is letterlijk in het huis van een Cubaanse familie. Je moet door de woonkamer naar het dakterras waar ze hun restaurant hebben. Morgen hebben we een aantal excursies aan elkaar geplakt waaronder eentje naar het graf van Fidel en hebben we zelfs een paar uurtjes vrij om te doen wat we zelf willen. De meesten gaan zwemmen bij het hotel.

Vandaag hebben we een hele dag in Santiago de Cuba. Dayana heeft een aantal excursies voor ons opgezet zodat we wat geschiedenis en cultuur kunnen opsnuiven. We beginnen bij Cuertal Moncada, de kazerne waar Fidel in 1953 heeft geprobeerd om wapens voor zijn revolutie te krijgen. Hij heeft een aantal van zijn mannen een leger uniform aangegeven, hetzelfde als de militairen die in de kazerne zaten, en probeerde om op deze manier ’s avonds binnen te dringen. Er was 1 wachter die goed oplette en zag dat hij de gezichten niet herkende en dat de schoenen niet klopten. Hij heeft alarm geslagen waarna er een vuurgevecht ontstond. Fidel en zijn broer Raul wisten te ontkomen, maar het regime van president Batista claimde dat Fidel was gedood. Raul heeft zich voor gedaan als de leider om Fidel te beschermen. Iemand heeft naar buiten gebracht dat Fidel niet was gedood en deze man is tot aan de dood van Fidel aangebleven als lijfwacht. Batista heeft uiteindelijk Fidel opgepakt en van 1955 tot 1957 heeft hij gevangen gezeten.
In de kazerne zit tegenwoordig een school, maar een gedeelte van de barakken is ingericht als museum waar je de complete geschiedenis kan zien van wat zich in die tijd in de barakken heeft afgespeeld. Buiten zie je ook een groot aantal kogelgaten zitten, maar deze zijn grotendeels nep. Er zijn nog wel een paar originele, deze zitten in de leuningen.
Hierna zijn we door gereden naar Cementerio Santa Ifegenia, de grootste begraafplaats van Santiago waar onder andere Jose Marti en Fidel zijn begraven. Op het voorste gedeelte van de begraafplaats liggen veel hoog geplaatste Cubanen, op het achterste gedeelte veel familiegraven. Het graf van Jose Marti is groot en heeft permanente militaire bewaking waar ieder half uur een wisseling van de wacht plaats vindt. Naast het graf van Jose Marti staat een muur met daarin de resten van de strijdmakkers van Fidel, tenzij de familie anders heeft besloten, en het graf van Fidel. Fidel wilde geen groot graf of standbeelden, dus om hem te eren staat er een heel groot rotsblok met als betekenis dat hij de rots was die tegen Amerika in opstand kwam en bleef volhouden. Ook het graf van Fidel heeft permanente militaire bewaking en bij de wisseling van de wacht bij het graf van Jose Marti wordt ook het graf van Fidel mee genomen. Het is heel druk op de begraafplaats, het is een soort bedevaartoord aan het worden. Heel veel Cubanen maar ook veel toeristen.
Het begraven op Cuba is een heel ritueel. Als iemand overlijdt moet deze binnen 24 uur worden begraven. Gebeurt dit in de ochtend is de begrafenis de ochtend erna. Na minimaal 3 jaar wordt de persoon opgegraven en worden de botten gereinigd. De botten worden in een kleine doos gedaan en terug geplaatst in het graf. Op deze manier kunnen er zo veel mogelijk familieleden worden bijgezet. Het graf is dan ook niet voor 25 jaar zoals in Nederland, maar voor zo lang als je het wilt hebben. De grond is eigendom van de familie en die mag er mee doen wat ze willen. Dayana vertelde ook dat er soms vrienden of bekenden in het graf worden geplaatst als de familie zelf geen graf heeft. Cremeren kennen ze hier wel, maar wordt bijna nooit gedaan. Het is ook niet te betalen en de wachtlijsten zijn lang, tenzij je natuurlijk vriendjes op hoge plaatsen hebt. Fidel is wel gecremeerd, maar dit is gedaan vanwege de lange rit van Havana naar Santiago. Het lichaam zou de lange rit vanwege de ontbinding en hoge temperatuur niet aan kunnen.
Na al het marmer en een beetje lugubere verhalen gaan we verder naar de Bacardi fabriek. Je mag de fabriek niet in, maar in het winkeltje kan je wel het een en ander aan drank en merchandise kopen. Er zijn ook verschillende soorten rum die alleen in de regio van Santiago te krijgen zijn. Een korte stop waar flink werd ingeslagen. Nog even en we hebben een heel bagagerek vol met flessen rum.

Volgende stop is de La virgin del Copra Kerk, ongeveer 20 km buiten Santiago. Een katholieke kerk waar ook de Paus is geweest. Binnen zie je allerlei offers van bloemen en worden er kaarsjes gebrand, maar er worden ook andere offers gebracht. Zo is er een muur vol met protheses en andere hulpstukken, een vitrine vol met sport memorabilia (voornamelijk honkbal) en ligt er zelfs een gouden medaille van de spelen van Rio de Janeiro. Ook Ernest Hemmingway heeft hier een medaille achter gelaten. De originele is niet te zien, maar wel een replica.

Het is ondertussen lunchtijd en we rijden terug naar het hotel voor lunch en een beetje ontspanning in het zwembad of hotelkamer. Om 16:45 verzamelen we weer en gaan we naar Castillo de San Pedro del Morro. Een fort dat bekend staat vanwege de piraterij. Het fort is ingericht als museum en zodra de medewerkers horen dat we Nederlanders zijn wordt er gevraagd naar de Nederlandse piraat. Dat kan er maar 1 zijn, Piet Hein, hij wordt dan ook verschillende keren genoemd. Wij vinden hem een held, de Cubanen maar een simpele piraat. Het verschil met de andere piraten is dat Piet Hein roofde uit naam van de kroon, de andere piraten uit naam van zichzelf.

Na een rondje te hebben gelopen en foto’s te hebben gemaakt is het tijd voor de zonsondergang. Dat is een heel ritueel bij dit fort. Op het moment dat de zon in zee zakt wordt er een kanon afgeschoten. Eerst wordt de Cubaanse vlag gestreken en ondertussen wordt het kanon geladen met losse flodders. Als het laden van een kanon in het verleden ook zo lang duurde kan ik me voorstellen dat men gevechten verloor. Ze zijn 15 minuten bezig geweest voordat alles was zoals ze wilden, maar dat was misschien meer rekken zodat het kanon op tijd klaar zou zijn. Precies op het moment dat de zon in zee zakt wordt het kanon afgeschoten.

We maken nog een paar groepsfoto’s en gaan richting restaurant. Dit zit naast het fort en speciaal voor ons hebben ze allerlei kleine gerechten klaar gemaakt. Stel je er niet te veel van voor want meer als een zwarte bonen soep, salade van tomaat en sperziebonen, gefrituurde vis, varkensvlees, kip en rijst met bonen is het niet. Het smaakt goed en we krijgen nog ijs en koffie na.

Vanavond gaan we naar Casa de la Trova of Trovahouse. Dit is een salsabar midden in de stad waar altijd live muziek wordt gespeeld en waar veel wordt gedanst. We zijn rond half 9 in de stad en lopen naar de bar. Entree is 5 CUC, maar dat is waarschijnlijk meer om de ongure figuren buiten te houden. Veel tafels zijn gereserveerd en ook Dayana had van te voren al gebeld dat we met een grote groep zouden komen. Na een beetje puzzelen kan iedereen zitten en is de band ondertussen begonnen met de soundcheck. Ze zouden om 9 uur beginnen met spelen, maar dat is Cubaanse tijd dus het werd na half 10. Salsa is totaal niet mijn muziek en dansen is ook niet voor mij weg gelegd. Ik heb me zeker wel vermaakt en het is leuk om dit een keer mee te maken. Er wordt volop gedanst en de dames worden regelmatig gevraagd door de heren. In de groep zitten ook een paar dames die graag dansen en er is 1 man die goed salsa kan dansen. Hij werd dan ook regelmatig door verschillende dames gevraagd. Kennelijk is het uniek hier dat een blanke niet Cubaanse man goed salsa kan dansen.

Er is ook een danspaar aanwezig die de hele zaal door gaat, tussen hun optredens door dansen ze met mensen uit het publiek en zelfs tijdens hun eigen dansen pakken ze mensen uit het publiek. Dayana had geregeld dat tijdens de show een van onze dames eruit werd gepikt en dat leidde tot wat gespeelde rivaliteit tussen de danseres en de dame uit onze groep. Dayana kent dit paar goed en als de reizen die zij begeleid 1 dag langer in Santiago zijn regelt ze bij hun altijd een salsa les voor de mensen die dat willen.

Het is heel gezellig, maar uiteindelijk zijn we het rond een uur of half 12 allemaal zat en gaan we terug naar het hotel. Morgen gaan we naar Sierra Maestra en gaan we de bergen in. We weten al dat we niet met de bus bij het hotel kunnen komen en dat we op een bepaald punt met jeeps worden opgehaald.

We konden vanmorgen rustig aan doen. Het is vandaag maar 2 uurtjes rijden en we kunnen niet vroeg in het hotel terecht omdat de kamers anders niet klaar zijn. Ik heb eerst lekker op het balkon het laatste gedeelte van het verslag van gisteren gemaakt en ben gaan ontbijten. De bus vertrok vandaag om 10 uur richting Sierra Maestra en onderweg maken we nog een stop om de tijd te doden in Bayamo. We arriveren er rond half 1 en krijgen ruim een uur de tijd om te lunchen en te doen wat we zelf willen. Eerste stop was internetkaarten halen. Het is echt een drama met die dingen. De eerste heb ik inderdaad een uur mee gedaan, dus dat leek allemaal goed te gaan. In Holguín wilde ik alvast nieuwe kaarten halen, maar daar schoot het allemaal maar niet op. Ik had er in eerste instantie maar 1 gehaald voor een uur want ik wilde eerste testen hoe en of het allemaal werkte. Het zag er goed uit dus vanmiddag 3 nieuwe kaarten gehaald. Dat is nog een heel gedoe op zich want je moet eerst in de rij voordat je de winkel in kan, dan moet je aangeven wat je komt doen en sturen ze je ergens heen waar je dat kan doen. Vanmiddag werden we naar de eerste verdieping gestuurd waar het er redelijk rustig uit zag. Eerst haalt een reisgenoot de kaarten en dat verliep voor Cubaanse begrippen redelijk vlot. Bij mij natuurlijk niet. Je mag per transactie 3 kaarten halen, hij had er nog maar 2. Bij m’n reisgenoot was hij al aan het bellen geweest maar kreeg niemand te pakken, dat probeerde hij bij mij ook. Toen moesten we mee naar beneden waar hij vroeg wie er nog kaarten hadden. Een van de dames had meer kaarten dus werd ik aan haar overgeleverd. Eindelijk 3 kaarten gevonden, maar dan krijg je nog het hele registratie proces. Als eerste je paspoort en vervolgens de nummers die op de kaarten staan. Dit gaat gelukkig allemaal digitaal (voor de it-ers onder ons, er staan hier nog computers uit het jaar nul, ik schat een x486), maar snel is het niet. Vervolgens wilde ik betalen met een briefje van 50 CUC, daar kwam administratie 2 tevoorschijn. Dit moest allemaal handmatig genoteerd worden en ik moest zelfs tekenen dat ik met een briefje van 50 had betaald. 30 minuten later liepen we dan eindelijk met 6 internetkaarten naar buiten.

We hebben nog wat foto’s genomen op het centrale plein waar onder andere een standbeeld staat van de bedenker van het volkslied, inclusief tekst. Aan het plein zit schijnbaar een school of een kinderopvang en ze hadden net lunchpauze. Ze konden op een trampoline springen maar ook fietsen. Ze hebben fietsen in alle soorten en maten, 2-wielers, 3-wielers, crossfietsen, model fietstaxi, en zo kan ik nog wel even door gaan. Ik ben even blijven zitten en heb wat foto’s genomen van de kinderen die heen en weer fietsen over de straat langs het plein.

Om 13:45 moesten we ons weer melden bij de bus want we gingen nog even naar de plaatselijke trova house. Hier had Dayana een salsa les, inclusief band geregeld. Wij wisten van niets, maar we hebben een half uurtje lol gehad. Iedereen moest mee doen, maar dan kennen ze mij nog niet. Ik heb me gewoon opgeworpen als fotograaf, wat nou salsa les 😉 Rond half 3 zijn we verder gereden naar Bartolomé Maso waar we even op onze jeeps moesten wachten die ons naar het hotel zouden brengen. Ik weet nu wat ze hier onder jeeps verstaan. Niet van die aftandse dingen die bij de minste beweging uit elkaar vallen, maar super de luxe bestelbusjes waar 8 personen in kunnen. Een half uurtje later komen we bij het hotel aan en moeten we even wachten tot we in kunnen checken. De kamerindeling is voor de mensen die een kamer delen in ieder hotel anders en dat was even puzzelen. Uiteindelijk had iedereen om 5 de sleutel en hadden we 2 uurtjes voor onszelf. Ik heb lekker een douche genomen (nu er nog normale watertoevoer is) en heb lekker op de veranda zitten lezen. Om 7 uur zaten we weer aan de rijst en kip, varken, vis of rund. Het eten begint hier nu wel heel saai te worden. Na het eten met een klein groepje nog een stuk gelopen en wat gedronken in de bar.

Morgen gaan we naar La Plata, een wandeling van ongeveer 6 km naar het gebied waar Fidel zich schuilhield na zijn vrijlating uit de gevangenis en voor de start van de echte revolutie. Schijnbaar is alles nog intact zoals verblijven en een ziekenhuis. Het regent nu (voor het eerst deze vakantie) en ik heb geen wandelschoenen bij me. Morgen dus eerst aan de gids vragen of alles goed begaanbaar is.

Het heeft vannacht flink geregend. Het was dan ook de vraag of de wandeling vandaag door kon gaan, maar om 8 uur stond het licht op groen. Vanaf het hotel zijn we met minivans naar het startpunt van de wandeling gebracht, 3 km heen en 3 km terug over dezelfde weg. De rit met de auto alleen al was een hele belevenis. De rit is ongeveer 5 km, op zich niets spannends, maar er zitten steigingen in van 40% en dat is steil omhoog. Bij de ingang van het nationale park hebben we de lokale gids opgepikt, zonder gids mag je het park niet in, en hij heeft ons onderweg van alles uitgelegd over het gebied en de planten die hier groeien. Na ongeveer 1,5 km te hebben gelopen kwamen we aan bij de huisjes waarvan de toenmalige eigenaren Fidel hebben geholpen met onderduiken. Vanaf dit punt mag je alleen nog fotograferen als je 5 CUC per camera betaalt, dus als je een gewone camera en smartphone hebt waarmee je wilt fotograferen kost dat 10 CUC. Dat is lekker verdienen zo.

Buiten de 14 Nederlanders uit mijn groep waren er ook 4 duitsers bij. Best een grote groep en het verschil in snelheid was dan ook goed te merken. Onderweg hebben we regelmatig een korte stop ingelast zodat de groep weer compleet was voor we verder gingen. Over het eerste stuk tot aan de huisje daal je ongeveer 100 meter, na de huisjes steig je weer 100 meter en het is geen makkelijk pad om te lopen. Je loopt midden in de bergen en er liggen veel losse stenen. Het pad bestaat dan ook al heel lang, Fidel heeft hier zelf ook over gelopen, en de familie die nu in de huisjes woont gebruikt dit pad voor de aanvoer van hun goederen. Zij hebben alleen het voordeel dat ze gebruik kunnen maken van paarden.

Eenmaal boven kom je eerst bij een wachterspost uit, dit was de entree naar het kamp. De echte wachters zaten in een omtrek van ongeveer 4 kilometer rondom het kamp. Uiteindelijk is dit huisje een tandartsen post geworden waar Che Guevara nog behandelingen heeft gedaan. Dit gebeurde zonder verdoving, maar met rum. Als je nog wat verder omhoog klimt kom  je bij een gebouw dat door het nationale park is neergezet en dat  dienst doet als museum. Binnen staat een maquette van het gebied en daar staan de verschillende punten op aan gegeven, zoals het huis van Fidel, de keuken en het ziekenhuis. Het ziekenhuis is later naar beneden verplaatst omdat de lokale bevolking hier ook gebruik van maakte en ze te dicht bij Fidel in de buurt kwamen.

Daarna hebben we de keuken en het administratie gebouw bezocht. De keuken is in originele staat alleen is er her en der een plank vervangen. Het administratiekantoor is helemaal nieuw. Dit is 1,5 geleden in een modderstroom de berg afgespoeld, de resten kan je beneden nog zien ligen. Tussen de leuken en het administratiegebouw staat het huis van Fidel. Een woonkamer met tafel, bankje en koelkast en een slaapkamer met bed en bureau. De koelkast werkt op petroleum want stroom hadden ze natuurlijk niet. Er zit ook een kogelgat in de koelkast, dit is er door de troepen van Batista in geschoten op het moment dat de koelkast werd vervoerd. Naast de koelkast zit een luik in de vloer. Fidel had 3 vluchtroutes de berg af, dit was er een van door een 200 meter lange tunnel. Helaas is de tunnel ingestort en nooit meer gerenoveerd. Uiteindelijk heeft Fidel ongeveer 6 maanden in dit kamp gewoond, van mei 1958 – oktober 1958. Hierna gingen we beginnen aan onze weg terug naar de parkeerplaats. Iedereen in zijn eigen tempo en de gids als laatste. 2 van de duitsers waren we op de heen weg al kwijt geraakt omdat de man last had van zijn enkels en knieen en niet verder wilde. Ze zouden op de parkeerplaats worden opgepikt maar daar hebben we ze niet meer gezien. Toen wij in de taxi’s onderweg naar beneden zaten kwamen we ze ineens tegen. Ze hebben dus niet gewacht op een taxi maar zijn zelf verder gelopen.

We waren rond 1 uur weer terug bij het hotel waar we hebben geluncht, de rest van de middag hebben we de tijd aan onszelf. Een gedeelte van de groep is gaan zwemmen in de rivier en een gedeelte is op het resort gebleven. Ik heb lekker dit verslag getypt, m’n weblog bijgewerkt en wat contact gehad met het thuisfront. Morgen gaan we naar Cameguey  waar we 1 nacht verblijven.

De foto’s zullen echt tot na m’n vakantie moeten wachten. Internet is zeer beperkt en ook de tijd om alles uit te zoeken ontbreekt. Heel af en toe zal ik een paar foto’s op facebook plaatsen en daar zullen jullie het mee moeten doen. Meer als dat doe ik ook niet op internet.